Artillerie: van Legerkorps en Infanteriedivisie
| Attributen: afmetingen, modellen | ||
| volgens reglement 1928 | volgens reglement 1935 / 1939 | na-oorlogs |
|
|
|
Gelijkaardig aan het vooroorlogse model, in een blinkende uitvoering, zowel aan de buitenzijde als aan de binnenzijde. |
|
verzameling: Peter Verstraeten De gekruiste kanonnen model 1928 voor onderofficier. De afmetingen zijn 34 mm x 24,3 mm. De dikte van de loop net na de mondingsring is 4,4 mm. Bevestiging met 2 oogjes waarvan er hier een ontbreekt. |
Deze gekruiste kanonnen, van een bonnet de police van een onderofficier van de fortenartillerie, zijn vervaardigd uit dik geelkoper en werden "verzilverd". De bevestiging is met dunne ronde pennetjes. De afmetingen zijn exact zoals voorgeschreven op de schets. De dikte van de kanonloop, net achter de mondingsring is 3,6 mm. |
verzameling: Peter Verstraeten Bij dit model is de dikte van de kanonloop net achter de mondingsring 4,6 mm.
Hogervermeld model is in gebruik als kepie en epaulettenattribuut bij (veld) artillerie, -school, de AA artillerieschool in de periode 1950-1959, en de territotriale AA eenheden van 1950- 1954. |
|
Gelijkaardige gekruiste kanonnen van dik metaal, donkerkleurig. De bevestiging is evenwel met 2 oogjes. |
verzameling: Peter Verstraeten Het attribuut in gebruik als beret-badge bij de diverse artillerieeenheden in de na-oorlogse periode |
|
|
Een tweede model van gekruiste kanonnen, van een soldaat 14e artillerie, ditmaaal met open mond. Het attribuut is gemaakt van dun metaal en hol van binnen. De bevestiging is met twee lussen en een koperen splitpen. De afmetingen bedragen 32,5 mm x 16 mm. |
||
|
Dit gelijkaardige model van gekruiste kanonnen, gemaakt in dun metaal, heeft als bevestiging twee dunne ronde pennetjes. |
||
|
Een derde model van gekruiste kanonnen, ook met open mond, van een bonnet de police van een officier. Het attribuut is gemaakt van dun metaal en hol van binnen. De bevestiging is met twee dunne ronde pennetjes. De afmetingen bedragen 32,5 mm x 16 mm. |
||
|
Bij bepaalde kentekens is het vrij moeilijk om een onderscheid te maken tussen vooroorlogse en na-oorlogse produktie. |
||
| Spiegels en epauletten | ||||
|
||||
| Luitenant van het 12e Regiment Artillerie | ||||
|
|
||||
| Kapitein-commandant van het 6e Regiment Artillerie | ||||
|
|
||||
|
||||
|
||||
| Afwijkingen op het reglement - Aanpassingen | ||
| Bonnet de police 18e Artillerie | ||
|
||
| Deze, volgens het reglement van 1928, bonnet de police heeft geen metalen regimentsnummers maar een met rode draad geborduurde nummering. Het gaat hier dan ook om een persoonlijke aanpassing die blijkbaar toegelaten werd voor het uitgangsuniform. | ||