Bajonet 1916 en varianten

Type:     1916
Voor geweer:     Mauser 1889 en Mauser 1935 & 36 mits tussenring
Handvat:     geblauwd
Lemmet:     geblauwd
Schede:     geblauwd
Afmetingen:   
totale lengte:    569 mm
lemmet lengte:    448 mm
dikte lemmet aan basis:    6 mm
breedte lemmet aan basis:     22 mm
interne diameter ring:    17,5 mm
mits tussenring: 15,5 mm
Opmerkingen:   twee soorten pareerstang: recht of glooiend afgewerkt ter hoogte van de grepen.

Het basisontwerp van de 1916 bajonet is een logisch gevolg op de ontwikkeling van het strijdtoneel in de ijzervlakte. Alle andere strijdende partijen maken gebruik van een langere bajonet. Het aanschaffen van de Hopkins and Allen bajonet in de US is daar een gedeeltelijke respons op. Maar men wil af van de rottenhaak die in een met prikkeldraad verweven strijdveld te veel hinder oplevert. 

Het resultaat is een "Nouvelle poignée M 1916", zonder rottenhaak en met minder onderdelen dan de oudere M1889 poignée om een snellere productie mogelijk te maken. 

De volledige samenstelling van 1916 bajonet wordt weergegeven in het instructieboek uit 1917:  "Instruction sur le Fusil 1889 et carbine 1889 - Onderrichting op het geweer 1889 en karabijn 1889, 1917, Imprimerie de GCG Armée Belge". :
bajonet en gevest 1916
Betreffende de eindafwerking van deze bajonet mogen we ervan uitgaan dat deze oorspronkelijk gebronsd was. Toch indien we terugvallen op de tekst uit het hierboven vermelde publicatie: Bajonet 1916 voor geweer 1889 en karabijn 1916

Een aantal zuiver 1916 bajonetten lijkt nochtans stevig blank gepolierd te zijn. De oorzaak ligt mogelijks bij de inwerking van de tand des tijds op een minder kwalitatieve "bronzing", een blank polijsting voor bepaalde parade toepassingen en/of het resultaat van overdadig poetswerk met staalwol door eerdere generaties van verzamelaars.

De verschillende varianten

  1. Oorspronkelijk model 1916 met de nieuwe hecht en een geweerring van 17,5 mm diameter voor het geweer Mauser 1889. 
    De eerste bajonetten 1916 werden gemaakt met het restant van de pareerstangen M1889  dat nog ter beschikking was. Voor de inname van Luik in augustus 1914 werd de M.A.E. ontruimd en de gehele voorraad wapens en reserveonderdelen meegenomen. Via Antwerpen gaat men naar Calais.
    In de regio Calais wordt een werkplaats voor de herstellingen ingericht en tegen eind 1915 starten te Birmingham de Ateliers de Fabrications d'Armes Portatives op die instaan voor de productie van wapens, oa. de nieuwe bajonet.
    "cet atelier mécanise les pièces de l'ancienne poignée modifiée selon le nouveau type, ..." Info: "Les Etablissements d'Artillerie pendant la Guerre, Cdt Willy Breton, 1917"

    De oude 1889 poignée heeft immers naast de algehele constructieverschillen ook nog een extra rechthoekig inzetstuk van 9 x 25 mm tussen het eindstuk van het lemmet en de doorgang door de pareerstang.
     


    De houten handgreep is tevens hoekig afgewerkt om aan te sluiten op het recht gefreesde metalen deel. 


     
  2. Het model 1916 met de versterkte pareerstang, de nouvelle poignée, en de geweerring met diameter 17,5 mm. 


    Een bajonet waarvan de houten grepen ooit werden vervangen biedt een duidelijk zicht op de afgeronde of versterkte pareerstang, zoals oorspronkelijk ontworpen in 1916 en te zien op de Birmingham tekening van 1917.

    Bij dit model gaat het eindstuk van het lemmet steeds rechtstreeks door de pareerstang.



  3. Het model 1916/35 met versterkte of afgeronde pareerstang achteraan, geweerring 17,5 mm en een tussenring naar 15,5 mm om te passen op het geweer model 35 en model 36. De vorm van de houten handgrepen is ook hier aangepast om aan te sluiten op de afgeronde vorm van de pareerstang


    De plaatsing van de tussenring is bij dit exemplaar vaag zichtbaar aan de achterkant van de pareerstang maar des te beter zichtbaar aan de voorkant zoals zichtbaar op onderstaande foto.


       
  4. Her en der duikt in allerlei publicaties en op ebay de term model 1916/24 op waarbij men het heeft over de bajonet met de tussenring. Persoonlijk vind ik dit een ietwat ongelukkige aanduiding gezien de tussenring maar geplaatst werd na het in gebruik nemen van de Mauser model 1935. Waarschijnlijk was een deel ervan oorspronkelijk in de jaren 20 geproduceerd  met een ring van 17,5 mm, het grootste deel is de restvoorraad uit de eerste wereldoorlog. De aanpassing met de tussenring is pas vanaf 1935 gebeurd. 
    Een tweede gebruik van de term 1916/24 verwijst naar het interbellum geweer Mauser model 1924/30. Dit kan evenwel niet daar de bajonetnok bij dit geweer zich vlak onder de loop bevindt en de klassieke 1916 bajonet er dus niet kan op bevestigd worden. Er bestaat wel een bajonet 1924 export die op dit wapen past.
       
  5. Aangezien een tussenring niet altijd waarneembaar is bij de bajonetten met een loopring van 15,5 mm mogen we ervan uitgaan dat er na 1935 nog bajonetten geproduceerd zijn die onmiddelijk gemaakt werden met de loopring passend voor het geweer Mauser 1935 of 1936.
Samengevat kom ik, en dit is mijn strikt persoonlijke mening, tot 3 mogelijke types
  1. model 1916:           loopring 17,5 mm
                                    rechte pareerstang
  2. model 1916:           loopring 17,5 mm
                                    versterkte pareerstang
  3. model 1916/35:    loopring 15,5 mm (al dan niet via tussenring)
                                    versterkte pareerstang (op een paar uitzonderingen na)
                                 

Een van de voorkomende afwijkingen is de buitendiameter van de loopring. Deze kan variëren van 22,80 mm tot 24,45 mm zoals blijkt uit de weergegeven tabel
buitenafmeting geweerring
22,80 17,50
23,45 15,50
23,70 17,30
23,85 15,50
24,30 17,30
24,45 17,30

Een rondvraag bij een aantal verzamelaars naar de verschillende uitvoeringen van de 1916 bajonet gaf het onderstaande resultaat.

Tabel met gegevens betreffende de verschillen in uitvoering

    Pareerstang Geweerring Afwerking
  nummer recht versterkt 17,5 mm 15,5 mm blank geblauwd
gezwart
 1a   x   x   x  
 1b 72250   x   x   x
1c     x x     x
1d 39850   x   x ?? ??
1e 72478   x   x   x
1f 54370   x   x, niet zichtbaar   x
1g     x   x   x
2a 34345   x   x   x
3a 1615 2ChA   x   x   x
3b   x   x     x
3c     x x     x
3d 4572   x x   x  
4a ja + L   x   x, niet
zichtbaar
  x
4b ja
+ op schede
  x   x   x
5a   x   x   x  
5b 65548   x   x, niet zichtbaar   x
6a c 2235 x   x     x
6b   x   x     x
7a   x   ?? ??   x
7b Gie 924 x   ?? ?? x  
7c 29323   x ?? ??   x
7d ja   x ?? ??   x
8   ?? ?? x   x restant
9a 1666 1L x    x     x
9b 4364 G x    x      x
9c     x x     x
9d     x x     x
9e     x x     x
10a
1057.1ChA
x     x    x
10b
623  2ChA4
  x   x    x
10c 443.1ChA   x   x   x
               

Schede

Twee schedes, beiden in geblauwde versie, zijn beschikbaar.
  1. Het eerste, zoals voorgeschreven in de basistekst uit 1917, waarbij de trechter gefixeerd is met twee schroeven.



  2. Een twede model waarbij de trechter gefixeerd is met twee rivetten.




Markering

Voor wat betreft de serienummers: ga naar tabblad "model1916/markeringen"
Verdere markering bestaat uit de letters B (op het lemmet aangebrachte fabrieksstempel als controlestempel dat het lemmet kan vervolledigd worden tot bajonet).
De letters C en H in cirkel, de letter L in een vierkant (als controlestempel op het wapen)
Een eerste bajonet heeft de letter B op de rechterzijde van het ricasso.

Op de linkerzijde van het ricasso de letter H in een cirkel


De letter C  in een cirkel (controlestempel MAE ?) op de rechterzijde van de pareerstang bij een 1916 met T-blad


Een derde bajonet heeft rechts de letter B op het ricasso, een onvolledige letter C in een cirkel en een volgnummer op de pareerstang.

Op de linkerzijde van de pareerstang de letter L in een vierkant.