De Britse WO I "erfenis": de vanaf 1915 in Engeland gekochte fietsen 

Model 1915 fiets. Wedersamenstelling op basis van origineel frame, voorvork, spatborden en lampbeugel. Het zadel en wapenhouders zijn AB uit de jaren 30. Remmen, wielen, ketting, kettingwielen en verbouwde bagagerekken zijn van Britse oorsprong. De pedalen, de gereedschapstas en celluloid pomp zijn Brits fabricaat periode 1915 gebonden.

Foto: verzameling Philip Moreau

Het Belgische leger komt uit de eerste wereldoorlog met een Britse "erfenis" aan fietsen. Dit zijn de door het Belgische Leger, vanaf 1915, verrichte aankopen bij Britse fiets fabrikanten. Het zijn dus geen fietsen die van het Britse leger overgenomen werden. Het is ook niet de BSA 1915 plooifiets, noch de Mk IV maar wel verschillende modellen van oa. BSA, James, Sun, Enfield. De britse fietsen uit die tijd komen allemaal ons land binnen met hun specifieke 28" wielen . Ttz 32 spaken vooraan en 40 spaken achteraan. Eventueel geaccidenteerde wielen worden in België in een latere periode, tijdens het interbellum, wel vervangen door de voor ons klassieke 36 spaaks wielen voor en achter. Voor bagagedragers en andere accessoires geldt dezelfde opmerking. Deze zijn vlot verwisselbaar ongeacht het merk van de fiets.

   
Enige van de merken die het 1915 model leverden zijn:
  • BSA
  • James
  • Sun (fiets met kabelremmen)
  • Arabia (de naam duikt op in een verder weergegeven document van november 1926)
  • Royal Enfield, volgens hun reclame publicatie


De tekst onder de koplijn luidt: "As supplied to the British Military Authorities, the Belgian, and other Allied Armies"

Een publicatie van Royal Enfield uit 1915 vermeld de levering aan het Belgische Leger. Eveneens zien een paar details mbt tot deze Enfield fietsen het daglicht.
  • het kader is een 24" frame
  • de wielen hebben een diameter van 28"
  • de banden zijn van het formaat 28" x 1 1/2", dit laatste is naar alle waarschijnlijkheid de oorsprong van de 1 1/2" hoge banden die bij latere fietsen uit het interbellum niet meer in gebruik zijn. Dan is de maat 28" x 1 5/8" de standaard.
Deze technische details zijn gelijk aan deze van de andere merken.
Een opvallend detail op het "Royal Enfield" publiciteitsdrukwerk uit 1915 zijn de bagagedragers die uit dunne ronde staven gemaakt zijn. Deze zijn vorm van bagagedrager constructie is evenwel niet uitsluitend aan de Royal Enfield toe te wijzen. 

  
In een publicate van juni 1923 betreffende de beschikbare wisselstukken is er ook sprake van drie merken. Een groot aantal wisselstukken zijn eigen aan specifiek BSA, James of Sun. Een aantal andere onderdelen worden gecatalogeerd onder het hoofdstuk "Pièces Vélos Divers". Blijkbaar zijn de "Royal Enfields" ondertussen uit het beeld verdwenen of vallen hun onderdelen onder "divers". 
Idem in onderstaand document uit 1924 ivm de immatriculatie van fietsen waar er enkel sprake is van BSA, James en Sun. 

    

  

Het in juni 1924 ingevoerde inschrijvingsnummer. Sommige fietsen hadden reeds meerdere nummers. Het best leesbare wordt behouden en alle andere worden weggevijld.

Foto: verzameling Jean Lummerzheim

   
In 1926 worden alle fietsen van het merk Sun, Royal Enfield en Arabia uit dienst genomen en eventueel vervangen door fietsen van het merk BSA en James. 1926 is het reorganisatiejaar voor wat betreft de Belgische militaire fietsen. Enkel de merken James en BSA blijven behouden naast de nieuw geïntroduceerde fiets "type militaire n°1" of de T.M1

    
In 1927 wordt een deel van de overtollige fietsen beschikbaar gesteld voor aankoop door militairen en burgers in militaire dienst. Het gaat om gebruikte fietsen van de merken BSA, Sun en James. Allen onderverdeeld in 3 categoriën waarbij de derde categorie "diversen" omvat. Dit zijn naar alle waarschijnlijkheid de merken Royal Enfield en Arabia. 

   
In 1932 wordt nog een lading fietsen, enkel het merk James, gedeclasseerd en aangeboden aan militairen of burgers in militaire dienst.

    
In 1933 tenslotte verschijnt een publicatie m.b.t. de wisselstukken. De erin voorkomende merken zijn de BSA, de James en de T.M. 1 (de directe opvolger van de BSA 1915). Alle andere zijn ondertussen uit de aktieve dienst afgevoerd.

   
Teruggevonden markeringen
• Het framenummer: aan de linkerzijde op het verbindingsstuk van de diverse buizen onder het zadel

• Een "asterisk" op de rechte buis, net bovenkant trapaslug, mogelijks keurmerk

• Vage sporen van cijfers of letters op het balhoofd. 

   

  
   

Constructie: De "BSA 1915" 

   
De in Engeland aangekochte fietsen hebben standaard Britse wielen met 32 spaken vooraan en 40 spaken achteraan

Foto: verzameling Philip Moreau

    

voorwiel: 32 spaken

achterwiel: 40 spaken

   

De voorvorkkroon met haar kenmerkende vorm. De hoogte is +/- 34 mm.

  

 

   

Het balhoofd. Tussen de bovenste lagerschaal en de lampbeugel is een smeerpunt voorzien, vaag zichtbaar op de foto links. Een tweede smeerpunt bevindt zich aan de achterzijde van het balhoofd net boven de schuine buis. De bevestingsvijs en de zijkant van het koperen sluitplaatje ervan zijn nog net zichtbaar op de rechterfoto.

   

  

Het bovenste smeerpunt, net boven het lager.

 Het onderste smeerpunt, net boven de schuine buis.

   

 
   
De lampbeugel   

   

De platte spatborden van het 1915 model.

Foto: verzameling Philip Moreau

  

    

   

De spatbordbevestiging ligt in dit geval op het spatbord en niet eronder zoals bij latere TM 1

   

  

  

De trengels kunnen van het enkele model (rechts) zijn of van het V model (onder). Dit hangt af van de constructeur.

  

  

      

  
De achterbrug onder het zadel

   

  

   
De achterbrug onderaan het achterwiel

  

  

   
De wiel- of kettingspanner.

       

Het voorste kettingwiel. De letters BSA zijn in spiegelzicht op te merken.

De fietsketting en bijhorende kettingwielen komen voor in 2 breedtes: 1/8" en 3/16". Het voorste kettingwiel, in beide breedtes , heeft een tweetal tandentallen 44 en 48. Gelijklopend heeft het achterste dat in zowel losdraaiende als in vaste stand te verkrijgen is twee tandentallen 18 of 20. Dit van 3/16" in vrijloop is zelfs met 22 tanden terug te vinden. Deze specificaties zijn enkel vermeld in de wisselstukkenlijst onder het hoofdstuk "Pièces vélos divers". De laatste kolom is de prijs in BEF.

   
De pedalen zijn in eerste instantie de 4 1/2" brede Britse pedalen, links en rechts afgewerkt met een driehoekige steun voor een betere grip van de schoen op de pedaal. De rubberblokken hebben ribben in de lengterichting. Bij vervanging gaat men over op een model van 4" breed met ander profiel.

   

De stuurhandvatten zijn er in verschillende materialen, rubber, celluloid, en vormen. Soms zelfs gewoon zonder handvatten. In de wisselstukkenlijst is er wel sprake van 2 diameters: 22 en 25 mm. Uit die lijst valt niet te bepalen welk merk welke diameter van buis gebruikte voor het stuur.

    

  

   
Het zadel is opgesteld op een T stuk dat een ruime regelafstand toelaat. Vooraan een dubbel ronde veer, achteraan twee enkele spiraalveren. Het merk is Argus of Indian (volgens de wisselstukkenlijst van 1923)

   
Diverse modellen pakzadels zijn in gebruik naargelang het merk en de periode. Zie hiervoor de keuzetab "bagagedragers"
Voor 1929, het introductiejaar van de nieuwe pakdrager, is de BSA en aanverwanten uitgerust met een pakdrager vooraan en achteraan.
   

Ombouw naar TM 1 standaard 

  
De ombouw van de oudere fietsen naar TM 1 standaard gebeurt vanaf vermoedelijk begin jaren 30 en omvat oa. de standaard wielen met 36 spaken en bandenmaat 28" x 1 5/8", het typische pakzadel model 1929 en verdere varianten, de stuurhandgrepen in hout met leder omwikkeld, kenplaat op het balhoofd.

Een fiets uit de oudere Britse reeks maar in de jaren 30 aangepast met het nieuwe model pakzadel. Het voorste pakzadel wordt dan niet meer gebruikt. 

Foto: verzameling Philip Moreau